navigation
 
1. Inleiding
De Bhagavad Gita (het lied van God) heeft over de hele wereld de verbeelding veroverd van mannen en vrouwen die nadenken.
Het werd in vele talen vertaald, en onder zijn toegewijden kent het mensen die aan menigeen godsdienst en nationaliteit toebehoren.
Het unieke van het evangelie van de Bhagavad Gita ligt in het feit dat de volgeling niet aan een formele godsdienst of sekte in het bijzonder dient toe te behoren.
'Elk mens die aan zijn eigen plicht is toegewijd bereikt volmaaktheid', verklaart de profeet van het kosmisch visioen Sri Krishna, dan gaat hij verder met het beknopt uitleggen hoe deze volmaaktheid bereikt wordt.
Door bij het naleven van zijn plicht Hem te aanbidden uit wie de schepselen emaneren, door wiens leven het Al wordt doorgedrongen, komt de mens tot volmaaktheid - 18:46.
Hier heb je dus een uniek evangelie, dat niet met de rang in je leven knoeit, je van je plichten afleidt, je geloof verstoort, noch je afleidt van je pad dat je gekozen hebt.
Maar het verlicht je pad en sterkt je geloof.
Zijn verheven objekt is je te bevrijden van zorgen en kwelling, je voor jezelf te beschermen - je lagere ziel, vol van onverantwoordde verlangens en ongewettigde vooroordelen, begoocheld door eeuwenoude onwetendheid, en gekweld door zinloze angsten voor ingebeelde rampen.
In de Gita Dhyanam, die gezongen wordt voor de Gita wordt gelezen, staat een liefelijk vers.
Daarin wordt de Gita beschouwd als de melk, en worden de Upanishad en Krishna vergeleken met de koe en de herder.
De Indische herder melkt de koe nooit voor het kalf zijn deel heeft gehad, en zo de koe aanzet om zijn melk vrij te geven.
Hier is het Arjuna die deze rol op zich neemt.
Diegenen van wie de intelligentie vervuld is met goedheid genieten van deze dronk.
Vat dit nu alstublieft niet op alsof Krishna de lering hoofdstuk na hoofdstuk gaf: 'Dat was het tweede hoofdstuk, en nu begint het derde hoofdstuk'.
Het was een doorlopende dialoog.
Indien je dat begrijpt, kan je ook aanvoelen waarom de gedachten allemaal door elkaar gegooid werden.
Bijvoorbeeld wordt karma yoga besproken in het tweede, derde, vierde en in de laatste hoofdstuk.
Alle schriften werden klaarblijkelijk samengesteld door menselijke wezens, hoezeer jij en ik willen wensen dat ze rechtstreekse openbaringen zijn van God.
Natuurlijk is het God die doorheen hen spreekt - enerzijds kan je dus zien dat alle lering van God komt; anderzijds kun je zien dan alle lering van de hand van de mens komt, bezoedeld door de menselijke taal.
De Yoga Vasistha zegt: 'Bestudeer deze schrift en je zult bevrijd worden. Indien je denkt dat je er niet in gelooft omdat het door de mens is gemaakt, zoek dan een ander schrift, maar zoek naar verlichting'.
Bestudeer dus de Gita, maar belet je verstand van selektief te begrijpen.
Indien je een schrift of een lering aanvaardt of verwerpt omdat je verstand er al dan niet van houdt, blijf je in dezelfde molen ronddraaien.
Het is volstrekt nutteloos.
Er schuilt een groot risico in het proberen te filosoferen omtrent een lering.
Een lering is een lering!
Het verstand dat de lering wil ontleden loopt zich te pletter op oneindige en onbeperkte moeilijkheden, want eenmaal je iets begint te ontleden, komt er geen einde aan.
De lering staat hier volledig buiten.
Eenheid, verscheidenheid, vergankelijk, onvergankelijk, jij, ik, hij, enzovoort, zijn allemaal woorden en ideeen die door het verstand geschapen werden, onderhouden worden door het verstand, en van het verstand afhankelijk zijn.
God is het woordenboek waarin deze woorden allemaal gevonden worden, en waarin al deze ideeen ingang kunnen vinden.
Geen enkel woord heeft een ingebouwde betekenis.
De betekenis van een woord komt in je op - dikwijls door conventioneel gebruik, maar altijd door je begrijpen of niet-begrijpen.
Woorden bezitten helemaal geen betekenis, tenzij in hoeverre we er een betekenis aan toekennen.
We steken zo vol van definities, en we zijn zo vervuld van ons eigen begrip, dat het onmogelijk is ons te onderwijzen.
Het is ons eigen begrip dat de nieuwe kennis ontvangt, en hierdoor veroudert het ogenblikkelijk.
Het is veel gemakkelijker van iemand te onderwijzen die totaal ruw is, dan iemand die denkt dat hij weet of kan begrijpen.
Daarom kon Arjuna niet onderwezen worden - tot hij ineenstortte.
Swami Sivananda zei eens: 'Indien je een professor wil zijn, ga dan alstublieft naar de bibliotheek en bestudeer alle kommentaren op de Bhagavad Gita en schrijf er een voor jezelf. Anderzijds, indien bij het bestuderen van de Bhagavad Gita je hoofdmotivering is van het te beoefenen en zelfverwezenlijking te bereiken, neem dan een vers en leef het'.
Kennis en handeling zijn niet twee divergerende paden die naar dezelfde richting leiden; ze kunnen zoals treinsporen zijn - beide leiden naar dezelfde richting.
De Yoga Vasistha zegt dat de een vogel met twee vleugels vliegt, niet met een.
Je moet weten wat je doet, en dat doen waarvan je weet dat het juist is.
We moeten de studie van de Bhagavad Gita aanvatten met nederigheid, met een ijver om te weten wat deze kleine schrift ons te bieden heeft om onze levens te verrijken, om ons in staat te stellen nuttige burgers te worden en, door de Genade van God, voor onszelf te weten waarover het gaat in het leven.
Ons wordt gevraagd te Bhagavad Gita te bestuderen zodat we ons kunnen verenigen met de boodschap, zodat deze van kracht kan worden wanneer de tijd is gekomen - verenigd in de letterlijke betekenis van het woord: dat het deel wordt met de cellen van ons lichaam.
Duizenden jaren geleden was er konflikt tussen diegenen die de Pandava genoemd werden en diegenen die de Kaurava genoemd werden.
Men kan niet met zichzelf krakelen.
Een ruzie of konflikt betekent dat er twee krachten zijn; ook een eenheid betekent dat er twee krachten zijn.
Zonder deze verdeling bestaat er geen konflikt - en geen eenheid!
Ons werd verhaald dat de Pandava de Heer Krishna hadden gekozen om aan hun zijde te staan, niet om aan hun zijde te vechten - Krishna was louter drijver van een gewapende kar.
Wat heeft dat met ons te maken?
Is de Bhagavad Gita toepasselijk voor ons?
Indien dat niet zo is verliezen we onze tijd, of nog erger, we zouden de boodschap verkeerd kunnen interpreteren.
Vermits er voortdurend konflikt in ons heerst, is het voor ons toepasselijk.
Wanneer je hier niet met iemand in konflikt leeft, ervaar je konflikt in jezelf, wanneer je herkent dat ervaring verdeeldheid betekent, en dat verdeeldheid konflikt betekent; er bestaat een verdeeldheid tussen de idee die je koestert omtrent wie je moet zijn en de kennis die je hebt omtrent hetgeen je bent.
Is het voor jou mogelijk deze verdeling te observeren, ofwel in jezelf opkomend ofwel altijd in jezelf bestaand?
Het konflikt (en zijn oplossing) impliceren twee krachten.
Indien je wezenlijk in twee krachten opgesplitst bent, kun je zich er niet mee verzoenen.
Je kunt deze eenheid niet in jezelf ontdekken, tenzij je 'sterft' - dan besta je (je 'ik') niet.
De hele Bhagavad Gita is een onderzoek naar deze vraag: 'Is deze opsplitsing wezenlijk?'.
Je ervaart deze opsplitsing, er blijkt dat innerlijk konflikt te bestaan.
Een verzoening, een vereniging kun je niet proberen, want elke poging om dit teweeg te brengen vooronderstelt een verdeeldheid.
Daarom probeert de schrift je aandacht af te leiden van het aanvaarden ofwel van het verwerpen van deze verdeeldheid, en brengt een derde benadering ter tafel - vicara, onderzoek.
In plaats van te veronderstellen dat er een verdeeldheid is en dat deze verdeeldheid onvermijdelijk naar konflikt moet leiden, is het mogelijk om deze te onderzoeken?
Dat is hetgeen Krishna aan Arjuna vertelt.
En dat is hetgeen toepasselijk is in de dagelijkse strijd van ons leven.
Waarschijnlijk de reden waarom Krishna het slagveld koos om zijn boodschap over te brengen.
Er bestaan twee schijnbaar tegenstrijdige gedachtenscholen - de ene die zegt dat je je buur moet liefhebben, en de andere die zegt dat je je buur bent.
Indien je je buur bent, waarom zou je hem dan liefhebben?
Zolang de scheiding blijft, en tot deze kennis of ervaring van eenheid ontstaat, is het beter hem lief te hebben dan hem te bestrijden.
Er zijn twee mogelijkheden wanneer een verdeeldheid heerst - je kan liefhebben of je kan haten.
Wanneer deze verdeeldheid verdwenen is zul je weten wat liefde werkelijk betekent.

The Bhagavad Gita - Inleiding | NL

Swami Venkatesananda

The Song of God - Inleiding - Swami Venkatesananda - enlarged 4th edition – 1984 - published by The Chiltern Yoga Trust, Cape Town, South Africa
1998 - 2017

© 1998 - 2017 - responsive design by venkatesa

top