De Bhagavad Gita - Het Lied van God - gebeden

Commentaar op de Bhagavad Gita door Swami Venkatesananda - gebeden bij het begin en aan het einde.

Gebed einde

GITA MAHATMYA

gri ganesaya namah! sri gopala krsnaya namah! dharo 'vaca bhagavan paramesana bhaktir avyabhicarini prarabdham bhujyamanasya katham bhavati he prabho

1. De Aarde zei: O Heer! De Opperste! Hoe kan onwankelbare toewijding ontstaan in hem die ondergedompeld is in zijn werelds leven, O Heer?

sri visnur uvaca prarabdham bhujyamano hi gita 'bhyasa ratah sada sa muktah sa sukhi loke karmana no 'palipyate

2. De Heer Vishnu zei: Alhoewel betrokken in het uitvoeren van wereldse plichten, iemand die regelmatig is in de studie van de Gita, wordt vrij. Hij is de gelukkige mens in deze wereld. Hij is niet gebonden door Karma.

maha papadi papani gita dhyanam karoti cet kvacit sparsam na kurvanti nalini dalam ambuvat

3. Zoals het water het lotusblaadje geen geweld aan doet, zo ook bevlekken de zonden hem niet die regelmatig is in de recitatie van de Gita.

gitayah pustakam yatra yatra pathah pravartate tatra sarvani tirthani prayaga 'dini tatra vai

4. Alle heilige pelgrimsoorden zoals Praraya, etc, verblijven in deze plaats waar het boek, de Gita, bewaard wordt en gelezen wordt.

sarve devas ca rsayo yoginah pannagas ca ye gopala gopika va 'pi narado 'ddhava parsadaih

5. Alle goden, wijzen, yogis, goddelijke serpenten, gopala, gopika (vrienden en toegewijden van de Heer Krishna), Narada, Uddhava en anderen (verblijven er).

sahayo jayate sighram yatra gita pravartate yatra gita vicaras ca pathanam pathanat srutam tatra 'ham niscitam prthvi nivasami sadai 'va hi

6. Hulp komt spoedig waar de Gita gelezen wordt en, O Aarde, ik verblijf steeds waar de Gita gelezen wordt, aanhoord wordt, en aanschouwd wordt.

gita 'sraye 'ham tisthami gita me co 'ttamam grham gita jnanam upasritya trimllokan palayamy aham

7. Ik neem mijn toevlucht in de Gita en de Gita is mijn beste verblijf. Ik bescherm de drie werelden met de kennis van de Gita.

gita me parama vidya brahma rupa na samsayah ardha matra 'ksara nitya sva 'nirvacya padatmika

8. De Gita is mijn hoogste wetenschap, die betrouwbaar is omtrent de vorm van Brahman, de eeuwige, de ardhamatra (van de heilige monosyllabe Om), de onverwoordbare heerlijkheid van het zelf.

cidanandena krsnena prokta sva mukhato 'rjunam veda tray! parananda tattva 'rtha jnana samyuta

9. Het was uitgesproken door de gezegende Krishna, de alwetende, bij zijn eigen monde, aan Arjuna. Het omvat de essentie van de drie vedas, kennis van de werkelijkheid. Het is vervuld van opperste gelukzaligheid.

yo 'stadasa japen nityam naro niscala manasah jnana siddhim sa labhate tato yati param padam

10. Wie de achttien hoofdstukken van de Gita dagelijks opzegt, met een zuiver, onverstoord verstand, verkrijgt volmaaktheid in kennis, en bereikt de hoogste staat of opperste doel.

pathe 'samarthah sampurne tato 'rdham patham acaret tada go danajam punyam labhate na 'tra samsayah

11. Als een volledige niet mogelijk is, en als slechts de helft opgezegd wordt, verkrijgt hij de weldaden van een koe als geschenk te offeren. Hier is geen twijfel over.

tribhagam pathamanas to ganga snana phalam labhet sadamsam japamanas to soma yaga phalam labhet

12. Wie een derde ervan opzegt verwerft de verdienste van een bad in de heilige Ganga, en wie een zesde opzegt bereikt de verdienste van een soma ritueel.

eka 'dhyayam to yo nityam pathate bhakti samyutah rudra lokam avapnoti gano bhutva vasec ciram

13. De persoon die een hoofdstuk leest met grote toewijding bereikt de wereld van Rudra en, omdat hij een dienaar van de Heer Siva geworden is, leeft hij daar vele jaren.

adhyayam sloka padam va nityam yah pathate narah sa yati naratam yavan manvantaram vasundhare

14. Als men een vierde van een hoofdstuk gelezen heeft, en zelfs dagelijks een deel van een vers, blijft hij, O Aarde, voor de rest van zijn wereld cyclus in een menselijk lichaam.

gitayah sloka dasakam sapta panca catustayam dvau trin ekaih tad ardham va slokanam yah pathen narah candra lokam avapnotii varsanam ayutam dhruvam gita patha samayukto mrtomanusatam vrajet

15, 16. Wie tien, zeven, vijf, vier, drie, twee verzen, of zelf een of een half vers opzegt, bereikt de streek van de maan, en leeft daar tienduizend jaar. Vertrouwd met de dagelijkse studie van de Gita, keert de stervende mens terug als een menselijk wezen.

gita 'bhyasam punah krtva labhate muktim uttamam gite 'ty uccara samyukto mriyamano gatim labhet

17. Door herhaalde studie van de Gita bereikt hij volmaaktheid. 'Gita' uitspreken op het ogenblik van het heengaan, en men bereikt bevrijding.

gita 'rtha sravana 'sakto maha papa yuto 'pi va vaikuntham samavapnoti visnuna saha modate

18. Alhoewel men vol van zonde kan zijn, en men heeft het eeuwig voornemen van de betekenis van de Gita te aanhoren, bereikt men het koninkrijk van God en verheugt men zich met de Heer Vishnu.

gita 'rtham dhyayate nityam krtva karmani bhurisah jivanmuktah sa vijneyo deha 'nte paramam padam

19. Wie mediteert over de betekenis van de Gita, en veel goede daden heeft verricht, bereikt het opperste doel na zijn dood. Zo'n mens moet bekend staan als een jivanmukta (wijze die bevrijding heeft bereikt tijdens het leven).

gitam asritya bahavo bhubhujo janaka 'dayah nirdhuta kalmasa loke gita yatah paratn padam

20. In deze wereld, hun toevlucht nemend tot de Gita, hebben vele koningen zoals Janaka en anderen de hoogste staat of doel bereikt, gezuiverd van alle zonde.

gitayah pathanam krtva mahatmyam naiva yah pathet vrtha patho bhavet tasya srama eva by udahrtah

21. Wie nalaat deze glorie van de Gita te lezen nadat hij de Gita heeft gelezen, verliest hierbij de de weldaad, en alleen de inspanning blijft over.

etan mahatmya sahyuktam gita 'bhyasam karoti yah sa tat phalam avapnoti durlabharn gatim apnuyat

22. Wie de Gita bestudeert, samen met deze Glorie van de Gita, verwerft de vruchten hiervoor vermeld, en bereikt de staat die anders zeer moeilijk te bereiken is.

suta uvaca mahatmyam etad gitaya maya proktam sanatanatn gitante ca pathed yas to yad uktam tat phalarnlabhet

23. Suta zei, 'Deze grootheid of Glorie van de Gita, die eeuwig is, zoals door mij verteld, moet aan het eind van de studie van de Gita gelezen worden, en de vruchten die erin vermeld staat zullen verworven worden.

iti sri varaha purane gri gita mahatmyam sampurnam

Zo eindigt de Glorie van de Gita, die bevat staat in de Varaha purana.

OM
OM NAMO BHAGAVATE VASUDEVAYA
OM NAMAH SIVANANDAYA
OM NAMO VENKATESAYA
OM TAT SAT

© 2017 - responsive design by venkatesa